Dr. David Sinclair van Harvard heeft een verklaring afgelegd die de wetenschappelijke gemeenschap heeft opgeschud: "De eerste mens die 150 jaar oud zal worden, is waarschijnlijk al geboren. En hij zal er niet uitzien als een honderdjarige — hij zal eruitzien als 60." Deze bewering, eens beperkt tot sciencefiction, wordt nu ondersteund door solide wetenschappelijke gegevens.

Celherprogrammeringstherapieën, geïnspireerd op het werk van Nobelprijswinnaar Shinya Yamanaka, maken het nu mogelijk om menselijke cellen in het laboratorium met 20 tot 30 jaar te verjongen. De eerste klinische proeven op mensen, gestart in 2025, tonen veelbelovende resultaten bij de regeneratie van hart- en hersenweefsel.

Kunstmatige intelligentie versnelt deze ontdekkingen exponentieel. AlphaFold van DeepMind heeft geholpen 200 nieuwe therapeutische doelen tegen veroudering te identificeren door de eiwitstructuren van 200 miljoen moleculen te analyseren. Senolytische geneesmiddelen — die falende, verouderde cellen elimineren — zijn in een gevorderde klinische fase gekomen.

De sociale implicaties zijn duizelingwekkend: pensioenen, gezondheidszorgsystemen, familiestructuren, arbeidsmarkten — alles zal opnieuw moeten worden overwogen voor een samenleving waarin de actieve levensduur meer dan 100 jaar zou kunnen bedragen. Economen spreken van een "revolutie van de levensduur" zo diepgaand als de industriële revolutie.

De ethische vragen zijn immens. Als deze behandelingen aanvankelijk honderdduizenden euro's kosten, baart het risico van een "tweedelijns onsterfelijkheid" filosofen en beleidsmakers zorgen. De WHO roept op tot universele toegang tot levensduurtechnologieën.